De koffie die niet meer was

Sinds een aantal maanden leid ik een project waarbij ik een volledig flexibele werkplek heb. Met een laptop, een mobiele telefoon en overal verstelbare bureaus en stoelen vind ik dat meestal goed te doen. Deze ochtend ben ik gehaast op zoek naar een overlegruimte omdat ik over een paar minuten een afspraak heb met een collega.

Het kleinste kamertje is onbezet, we zitten dan weliswaar naast elkaar tegen een blinde muur te kijken, maar we kunnen in ieder geval een deur dicht doen en in alle rust overleggen. Ik zet mijn koffie neer, haal mijn laptop uit mijn tas en klap deze open om vast op te starten. Omdat dat altijd even duurt, loop ik intussen bij iemand anders langs en hou een tussenstop bij het toilet. Mijn afspraak arriveert en samen lopen we terug naar het overlegkamertje. Ik bied mijn excuses aan voor de povere setting en merk dan ineens op: mijn koffie is weg. Ik snap er niets van, kijk nog even om de hoek van de deur om te checken of ik mijn bekertje daar tijdelijk heb neergezet op een leeg bureau maar zie niets staan. Mijn afspraak heeft zich inmiddels geïnstalleerd en meldt mij ook geen koffie te zijn tegengekomen. Dan maar nieuwe koffie besluit ik. We overleggen een uurtje en als we klaar zijn volgt het ritueel van de flexwerker: al je spullen weer inpakken en verkassen naar een leeg bureau. Ik sluit mijn laptop af, klap mijn scherm dicht en daar staat mijn koffie: pal achter mijn laptop. Hartstikke koud natuurlijk, maar ik voel opluchting omdat ik gelukkig mag concluderen over mezelf, dat ik niet gek was geworden.

Ik bedenk me dat het zo soms gaat: je weet zeker dat iets zo is, en toch wijzen alle omstandigheden op het tegenovergestelde. Dan loont het om het maar even te laten voor wat het is. Als het echt zo is, komt het vanzelf weer te voorschijn. En dat dat dan gebeurt in een inmiddels sterk afgekoelde versie is meestal een bijkomend voordeel.