Onderhandelen met passie

Ooit wilde ik een schilderij kopen, maar niet voor de prijs die de verkoper ervoor vroeg. Quasi nonchalant ging ik voor het schilderij staan, alsof het me niet echt interesseerde en ik zei de verkoper, dat ik het bedrag wat hij ervoor vroeg er echt niet voor zou betalen. De verkoper vond het wel best en liet me daar lekker staan, met mijn quasi nonchalante houding. 

Later legde iemand mij uit, dat ik het helemaal verkeerd had aangepakt. ‘Onderhandelen doe je met passie’,  zei ze. ‘Je gaat je helemaal staan te vergapen aan het schilderij dat je wil hebben (want dat wil je ook) en je deelt je enthousiasme met de verkoper en zegt dat je het helemaal geweldig vindt, hoe prachtig het in je huis aan die ene muur zou hangen en dat dit is waar je al tijden naar op zoek bent. Daar laat je de verkoper enthousiast reageren, zodat hij zijn koopwaar nog eens goed kan aanprijzen. En dan pas ga je onderhandelen over de prijs’. Die les heb ik onthouden en zo hangt er inmiddels een schilderij aan mijn muur, dat ik met passie heb uitonderhandeld.

Afgelopen zaterdag zag ik de stoel staan waar ik naar op zoek was. Zomaar ineens stond ie daar. Hij zat ook nog eens geweldig en dat liet ik de verkoper weten. Nou, daar had deze verkoper even helemaal geen boodschap aan. Of ik wel wist, dat ie elke dag 500 mensen in zijn winkel had, die hetzelfde riepen, en maar te pas en te onpas in die stoel gingen zitten en of ik wel begreep, dat die stoel zo helemaal naar z’n mallemoer ging, nog voordat ie verkocht was en of ik even op wilde staan. Nog bezig met opstaan, smeet hij al een bordje op de stoel: ‘Zitten is kopen, sitting is buying’.

Onderhandelen is een wederzijds spelletje. De koper en verkoper zijn beiden nodig, om tot een aantrekkelijke deal te komen. Als deze verkoper in mijn enthousiasme was meegegaan had ik ‘m spontaan een bod gedaan en had ie wellicht iets anders kunnen gaan doen, dan bordjes in zijn stoelen smijten.